De kerk uit mijn jeugd bestaat 100 jaar

100 jaar Gereformeerde Gemeente

‘De gereformeerde gemeente is deze donderdag een eeuw oud’, lees ik in Reformatorisch Dagblad vandaag. Dit klopt niet helemáál, weet ik. Eigenlijk is het de Christelijk Gereformeerde Kerk die een eeuw oud is en zij vieren dat dus ook, lees ik op de website van de Rehobothkerk en in een plaatselijke krant.

Ik heb het mijn moeder zo vaak horen vertellen vroeger. Ze was 14 jaar toen ds. Venema met een groot aantal leden de Christelijk Gereformeerde Kerk verliet. Er was ook een klein deel dat Christelijk Gereformeerd bleef, wat nu de Rehobothkerk is. Mijn opa was het er niet mee eens dat de kerk nu nergens bij aangesloten was en ging vanaf toen naar de Gereformeerde Gemeente in Dordrecht. Dat vond mijn moeder niet leuk natuurlijk, zij was haar vriendinnen kwijt en waarschijnlijk boeiden de theologische discussies haar niet erg.

Mijn ouders leerden elkaar kennen in de Gereformeerde Gemeente in Dordrecht, trouwden en ik werd geboren. Na een paar jaar verhuisden we naar Zwijndrecht en weer een paar jaar later gingen we naar de Gereformeerde Gemeente in Zwijndrecht. Zo werd de kerk uit mijn moeders jeugd ook mijn kerk.

Herinneringen

Veel herinneringen heb ik aan die tijd. Het kinderkoor waarin ik speelde op mijn blokfluit. De galerij, waar we zaten op de 2e rij. We keken op het orgel en ik vroeg me af of het wel goed vastzat en niet naar beneden kon vallen, bovenop de preekstoel. Ik maakte balletjes van 2 of 3 Fruittella-snoepjes en die deed ik net voor het gebed in mijn mond, want dat duurde altijd zo lang. De zondagsschool en het kinderkerstfeest, wat nog langer duurde dan een gewone kerkdienst, maar waar je wel een boek kreeg en een zak fruit. De catechisatie en de jeugdvereniging. Ds. Honkoop, die ons ieder jaar persoonlijk een kist mandarijnen kwam brengen als dank voor alle hulp. Hij was als een vader voor mijn vader, weet ik nog én hij had humor, zijn kat noemde hij Job.

De mensen waren trouw en behulpzaam. Dat zit refo’s in hun genen denk ik. Toen mijn moeder haar enkel had gebroken kwam er gewoon onaangekondigd iemand bij ons aan de deur om te helpen. De vraag over het geven van tienden speelde niet. Als er geld nodig was gaf men gewoon en er ging heel wat in de kerkzakken iedere week.

Afscheid

Het was vertrouwd, een soort familie, maar ook was ik bang in die tijd. Bang voor de dood en voor God en ik dacht dat de kans op bekering voor mij wel heel erg klein was. Toen ds. Honkoop vertrok naar Wageningen was ik 16 jaar en de leesdiensten vond ik saai. Na een tijdje ging ik af en toe naar de Hervormde Kerk en uiteindelijk, toen ik 19 jaar was vertrok ik uit de Ger.Gem. Op de pagina ‘geloof en kerk’ kun je meer lezen over mijn kerkhistorie en hoe het verder is gegaan.

Tegenwoordig woon ik dichtbij de kerk. Ik loop erlangs als ik mijn hond uitlaat. Als ik dan het orgel hoor neurie ik de Psalmen mee en ben ik blij dat ik me vooral het goede nog herinner na al die jaren. Eén ding vraag ik me altijd af als ik aan de overkant loop. Zou de architect de toren waarin de kerkklokken hangen bewust in de vorm van een kruis hebben getekend?

3 reacties op “De kerk uit mijn jeugd bestaat 100 jaar

Geef een reactie